News

Column | Vader kwetst dochter



Loudon Wainwright III, nu 75 jaar maar nog steeds actief, zou je de singer-songwriter met de persoonlijkste teksten kunnen noemen. Bij hem geen vage symboliek of duistere poëzie, maar ironische en ook gevoelige bespiegelingen over zijn eigen leven. Het heeft hem weinig commercieel succes gebracht, maar toch genoeg bekendheid om de kost te verdienen.

Zijn liefde voor de taal erfde hij van zijn vader, Loudon Wainwright II, columnist bij het journal Life. Dat leek Loudon een te solitair beroep, hij wilde een leven met meer reuring. Hij reisde als een moderne troubadour met zijn gitaar over de wereld, maakte ruim twintig albums en speelde in movies. Hij stichtte tussen de bedrijven door ook nog enkele gezinnen, maar dat verliep minder soepel.

Muzikaal was alles in orde: hij trouwde met een goede zangeres, Kate McGarrigle, en kreeg met haar twee muzikale kinderen, Rufus en Martha Wainwright, die hem qua roem – vooral Rufus – zelfs voorbij streefden. Maar het huwelijk werd geen succes, evenmin als zijn volgende relatie met de zangeres Suzy Roche, waarover hij in 1986 een van zijn beste songs, ‘Your Mother and I’, schreef. Eerste strofe: „Your mom and I live aside/ I do know that appears silly, however we weren’t very good/ You’ll keep together with her, I’ll go to you/ At Christmas, on weekends, {the summertime} too.”

Wainwright erkent dat hij „schaamteloos autobiografisch” zingt. „Ik heb ontdekt dat dit voor mij het beste werkt, ook al bewonder ik mensen als Frank Loesser of James Taylor die algemener schrijven, of Dylan die een cryptischer stijl heeft.”

Prima, maar hoe acceptabel zijn zulke teksten voor gezinsleden die er een rol in spelen? Daarover schrijft zijn dochter Martha in haar latest verschenen memoir Tales I Would possibly Remorse Telling You. Uit de recensie daarover in The New York Occasions begrijp ik dat Martha grote moeite kreeg met de openhartigheid van pa.

Toen ze veertien jaar was, verhuisde ze van Montreal, waar ze met haar moeder leefde, voor een jaar naar haar vader in New York; moeder Kate moest een album in Londen opnemen. Martha presteerde in New York slecht op faculty en kwam laat thuis, waar ook haar vader vaak afwezig was. Toch groeiden ze enigszins naar elkaar toe. „Ik begon meer op mijn vader te lijken”, schrijft ze, „alsof zijn dna in mij wakker werd.”

Enkele jaren later vergezelde ze hem op een tournee door het Verenigd Koninkrijk, waarbij ze ook vader-dochter-duetten zongen. Op een avond zong Loudon zijn mooie music ‘I’d Fairly Be Lonely’ over een man die liever alleen leeft. „I believe that I want some house/ Day-after-day you’re in my face/ How can I eliminate you/ I’d fairly be lonely.’’ Om af te sluiten met: ,,Love is for the bees and birds/ Not for a human being like me.”

Ik heb altijd gedacht dat Wainwright hier over het samenleven met een van zijn vele gewezen companions zong. Martha kennelijk ook – totdat ze, zittend in de zaal, hem op een avond tegen het publiek hoorde uitleggen dat het lied ging over het jaar dat hij gedwongen met zijn tienerdochter had doorgebracht. Ze was in tranen uitgebarsten en had de zaal willen verlaten, maar de present should go on en ze stapte toch maar weer het podium op.

Waaruit maar weer eens blijkt dat gevoelige teksten lang niet altijd door gevoelige mensen geschreven worden.



Supply hyperlink

Leave a Reply

Your email address will not be published.