News

Rutte IV: D66 haalt zware posten binnen, CDA lijkt macht en invloed in te leveren


D66 is, dat lijkt wel zeker, van plan om een stevig, eigen stempel te zetten op het kabinet-Rutte IV. Met de ministers van Financiën, VWS en Defensie krijgt de partij in het nieuwe kabinet zware posten, naast de ministers die de partij eerder al had, zoals Onderwijs, of waarvan in Den Haag al een tijdje de verwachting was dat die voor D66 zou zijn: Klimaat en Energie. Daar komt ook nog de minister voor Rechtsbescherming bij, eerder een VVD-post.


Lees ook het nieuwsbericht: Nieuw kabinet: De Jonge en Hoekstra niet op oude post, Grapperhaus vertrekt

Dat partijleider Sigrid Kaag volgens ingewijden niet heeft gekozen voor haar grote liefde, Buitenlandse Zaken, maar voor Financiën – ze wordt ook vicepremier – versterkt dat beeld. In die positie werkt ze nauw samen met de minister-president en heeft ze invloed op álle ministeries. Daar komt nog eens bij: een minister van Financiën hoeft in Nederland vaak weinig te doen om toch populair te zijn. Al lukte het CDA-leider Wopke Hoekstra niet om daar bij de verkiezingen in maart zijn voordeel mee te doen.

Dat zíjn partij nu Buitenlandse Zaken krijgt, en hijzelf door bronnen genoemd wordt als minister op dat departement, lijkt er niet op te duiden dat het CDA de komende jaren zoveel mogelijk macht en invloed naar zich toe wil trekken. De minister van Buitenlandse Zaken is vaak weg, en het kan moeilijk zijn om vanuit die positie ook een partij te blijven leiden.

Als Hoekstra daar dus echt voor gekozen zou hebben, is de vraag welk plan het CDA precies heeft voor de komende jaren. Tot voor kort leek in die partij nog het idee te bestaan dat het CDA weer de grootste kan worden als Mark Rutte na zijn vierde kabinet vertrekt als VVD-leider. Maar is dat, gezien de slechte peilingen voor Wopke Hoekstra’s partij, nog wel realistisch? En wat is dán het doel? De partij redden uit de marge?

Handel voor de VVD

Het CDA krijgt in elk geval ook het belangrijk geachte ministerie van Sociale Zaken, het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, én de partij zal iemand naar voren schuiven als minister voor Volkshuisvesting.

Bij Buitenlandse Zaken krijgt de CDA-minister een VVD’er erbij als minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Als die VVD’er gaat doen wat bij een VVD’er misschien het meest voor de hand ligt, voorál aandacht besteden aan het handelsdeel van de portefeuille en wat minder aan hulp, dan kan dat een risico zijn voor CDA en ChristenUnie. In hun achterban geldt hulp aan landen die dat nodig hebben als héél belangrijk.

De VVD krijgt, behalve het premierschap, ook het ministerie van Justitie. Een zwaar ministerie, maar die post wordt ook gezien als riskant. Ministers van Justitie raken snel verzeild in affaires waar ze weinig greep op hebben, en het risico op voortijdig aftreden is relatief groot.

Er komt ook weer een VVD-minister voor het basis- en voortgezet onderwijs. En net als in het vorige kabinet wordt een VVD’er minister voor langdurige zorg en sport. En de partij van Mark Rutte krijgt een eigen minister op Landbouw, al is het een positie ‘vóór’ en niet ‘van’ Natuur en Stikstof.

Minister vóór minder belangrijk

Ministers ‘vóór’ worden in Den Haag gezien als minder belangrijk: ze hebben geen eigen begroting voor hun plannen. Maar als de portefeuille zelf zwaar genoeg is, zoals stikstof en ook basis- en voortgezet onderwijs of bijvoorbeeld Asiel en Migratie (VVD), valt dat verschil in de praktijk vaak weg. Dat moet ook de gedachte geweest zijn bij de ChristenUnie, waar Carola Schouten zo goed als zeker minister vóór Armoedebeleid wordt, op het ministerie van Sociale Zaken (naast dus een CDA-minister ‘van’). Zij zal haar gezag in kabinet dan moeten ontlenen aan haar vicepremierschap. In die positie zit ze ook altijd bij de belangrijkste overleggen van het kabinet.


Lees ook onze reconstructie: Twijfels over D66, ‘bad cop’ Remkes en de muffins bleven liggen; zo kwam Rutte IV tot stand

De ChristenUnie krijgt wel weer een eigen minister van Landbouw, al wordt dat aanzienlijk minder zwaar nu er op dat ministerie een VVD’er bij komt voor stikstof. En de CU krijgt opnieuw een staatssecretaris op het ministerie van VWS, volgens ingewijden Maarten van Ooijen (31), nu nog wethouder in Utrecht. Zijn naam ging al een tijdje rond in de partij voor een kabinetspost, Hij wordt gezien als groot talent en mogelijk zelfs als opvolger van partijleider Gert-Jan Segers. Bij VWS neemt Van Ooijen de plaats in van Paul Blokhuis, die ook oud-wethouder was, in Apeldoorn, en graag had willen doorgaan in het kabinet.

Vanaf komende maandag ontvangt Rutte als formateur de aanstaande bewindslieden. Het zogenoemde ‘constituerend beraad’, waarin de ministers onderling nog afspraken maken over de taakverdeling, staat gepland voor volgende week zaterdag. De beëdiging van de bewindslieden en de bordesscène zijn dan op maandag 10 januari, net iets minder dan tien maanden na de Tweede Kamerverkiezingen.



Source link

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

close